search

Ingenieur

MASTERPROEF OP DE FILIPPIJNEN

Student in de kijker

Bart Peetermans en Jan Nickmans zijn beiden masterstudenten Elektromechanica. Bart volgt de Nederlandstalige opleiding met als focus Intelligent Manufacturing, Jan de Engelstalige met als focus Intelligent Mechanics. Jan heeft Belgische roots maar bracht een groot stuk van zijn leven door in het buitenland, omwille van de beroepsloopbaan van zijn vader. Zijn laatste pleisterplaats was Zuid-Afrika. Hij koos ervoor om de Engeltalige opleiding te volgen, omwille van de internationale ervaring en het contact met verschillende culturen die daar geboden worden.
Dit jaar trokken Bart en Jan samen naar Calamba (Filippijnen) om er tijdens een intense buitenlandse bedrijfsstage de basis te leggen voor hun masterproef. Samen een masterproef afleggen is traditie in de studierichting Elektromechanica, samen naar het buitenland gaan om die masterproef voor te bereiden, is minder evident.

Bart Peetermans and Jan Nickmans traveled to Calamba in the Philippines to lay the foundation for their master’s thesis.

­Bart Peetermans and Jan Nickmans traveled to Calamba in the Philippines to lay the foundation for their master’s thesis. (Foto: Filip Van Loock)

Bart: Ik droomde er al lang van om in het kader van mijn studies voor een langere tijd naar het buitenland te gaan. Ik sprak hierover Prof. Guido Vercammen aan die mij doorverwees naar Dirk Verhaeren, oud-student van GROEP T en intussen werkzaam bij Continental in Calamba op de Filippijnen. Mijn eerste partner met wie ik voor dit project zou samenwerken, viel echter uit.
Jan: Ook ik wilde graag tijdens mijn studies ervaring op doen in een internationale omgeving. Dus vroeg ik ook raad aan Prof. Vercammen. Via die weg kwam ik Bart op het spoor, die naar een nieuwe partner op zoek was. We kenden elkaar al van een vorig project waaraan wij samen gewerkt hadden en wisten dus goed wat we aan elkaar hadden.

Stond op het punt dat jullie met elkaar in contact kwamen het onderwerp van de masterproef al vast?
Bart: Alhoewel ik al iets eerder in contact was met Continental dan Jan en het bedrijf mij een drietal projectvoorstellen had geboden, stond in feite nog niets vast toen we besloten om samen te werken.
Jan: We konden dus kiezen uit een drietal projectvoorstellen van Continental. Doorheen het proces hebben wij met goedkeuring van onze promotor ter plaatse zelf invulling gegeven aan het onderwerp van de masterproef.
Bart: De focus lag voor ons beiden op Spare Parts Management. Onze promotor is Prof. An Molenaers, die op dit vlak zelf onderzoek verricht. Continental had als probleem dat er te veel wisselstukken voor het machinepark in stock waren. In ons onderzoek wilden wij nagaan hoeveel spare parts het bedrijf in stock moet hebben om zonder haperen te kunnen draaien, maar ook zonder te veel overstock. Door de overstock te beperken doe je immers aan cost cutting.

Hoe viel het contact met Continental in de Filippijnen mee?
Jan: Op 8 juli 2009 zijn we naar de Filippijnen vertrokken. We werden er uitstekend onthaald door Dirk Verhaeren en konden direct aan de slag in het bedrijf. We kregen er de grootste vrijheid om te werken: we mochten zelf ons werk organiseren en konden vrij rondlopen en spreken met iedereen.
Bart: Het bedrijf deed ons drie voorstellen van problemen waarrond wij konden werken. We kozen al snel voor de problematiek van de overstock aan wisselstukken, waarover we het al eerder hadden. Maar het interessante was dat we ook gaandeweg ingeschakeld werden om mee te werken aan de dringende oplossing van kleine problemen in het bedrijf. Zo hielpen wij mee aan de identificatie van problemen in de productielijn.
Jan: We waren al wat bekend met Continental omwille van onze algemene kennis van de automobielindustrie. De vestiging van Continental in Mechelen hebben we pas bezocht nadat we uit het buitenland terugwaren. We dachten dat de verschillen tussen de beide vestigingen groter zouden zijn, bijvoorbeeld op productievlak, omwille van de low-cost situatie van de Filippijnen. Het enige grote verschil bleek het magazijn te zijn dat in België geautomatiseerd is en in Calamba nog manueel beheerd wordt.

Jullie zijn twee maanden in Calamba geweest. Wat waren jullie belangrijkste ervaringen?
Jan: We hebben inderdaad onze volledige grote vakantieperiode in de Filippijnen doorgebracht en in die periode ca. 460 uur effectief gewerkt. We hebben er heel veel vriendschap ondervonden, een grote gastvrijheid en we hebben uiteraard ook van de gelegenheid gebruik gemaakt om het land wat te leren kennen.
Bart: Maar het meest interessante was de ervaring die we in het bedrijf hebben opgedaan. Opvallend was de grote vrijheid die we kregen van het bedrijf om te doen wat nodig was voor ons project. Zo mochten we al na 2 weken op het hoogste niveau besprekingen voeren met de software-experts van Continental in Manilla. We denken dat we deze verantwoordelijkheid in een Belgisch bedrijf nooit zouden gekregen hebben.
Jan: We konden ook vaststellen dat iedereen van het bedrijf kritisch maar met een positieve ingesteldheid met ons wilde meewerken.

Heb je aanbevelingen voor je collega’s studenten die een buitenlandse leerervaring willen opdoen?
Jan: Vooreerst moet je met respect openstaan voor de andere cultuur. Die andere cultuur leidt soms tot een andere manier van werken dan wij gewoon zijn. Mijn buitenlandse achtergrond helpt mij hiermee, maar ook Bart had daar niet zoveel moeilijkheden mee. Nu vallen de Filippijnen ook wel mee omdat Engels er de officiële taal is. Communicatieproblemen omwille van de taal heb je er dus in feite niet. Dat kan anders zijn als je naar een land gaat waarvan je de taal niet of nauwelijks begrijpt.
Bart: Tijdens de eerste weken van je aanwezigheid is het belangrijk om te observeren en vragen te stellen. Je moet een band smeden met de collega’s, niet alleen met de buitenlandse werknemers of de “expats”, maar ook met de lokale medewerkers. Eens een pint gaan drinken na het werk, helpt hierbij zeker. Je mag wel kritisch staan ten opzichte van hun manier van werken, maar je mag niet vergeten dat je hen nodig hebt om je project te realiseren of je verandering ook effectief door te voeren. Zo’n verandering realiseren vraagt een aantal stappen die je één na één moet doorlopen. Je moet eerst de bestaande situatie bekijken en analyseren en vervolgens voorstellen formuleren om de situatie te verbeteren. Zoals eerder gezegd, is het belangrijk dat je daarbij ook overtuigend overkomt. Je moet daarbij rekening houden met het verschil in cultuur en je acties daaraan aanpassen.

Viel het kostenplaatje mee of is jullie studiebudget geplunderd?
Bart: Al bij al vielen de kosten erg goed mee, zeker gezien de prachtige ervaring die we mochten beleven. En voor een aantal kosten hebben we ondersteuning gekregen. We zijn dan ook al degenen die ons hielpen, ontzettend dankbaar. We denken hierbij aan Inter S dat tussenkwam in de kosten van de vliegtuigtickets, Continental die ons niet alleen de nodige ruimte gaf binnen het bedrijf, maar ons ook huisvesting ter beschikking stelde, het International Office van GROEP T dat ons hielp met onze visa.
Jan: Dirk Verhaeren willen wij heel bijzonder danken voor de tijd die hij in ons project investeerde, voor de vrijheid die hij ons gaf om voluit te gaan voor ons project, voor de heel praktische hulp zoals de carpooling van onze woonst naar het bedrijf en niet te vergeten voor de sightseeing in de Filippijnen.
Bart: En een woord van dank gaat uiteraard ook naar onze docenten in GROEP T: Guido Vercammen die ons op weg zette naar Continental en onze promotoren An Molenaers en Geert Waeyenbergh.

Nog een laatste overweging?
Jan: We zijn nieuwsgierig om het resultaat van het project te vernemen. Het plan is dat ons voorstel in februari zal geïmplementeerd worden. Intussen hebben we een paper klaar met betrekking tot een statistisch model voor Spare Parts dat binnenkort op het “16th International working seminar on production economics” (http://www.medifas.net/Innsbruck_2010.pdf) zal voorgesteld worden.
Bart: Uiteindelijk zullen we meer tijd geïnvesteerd hebben in onze masterproef dan de gemiddelde student. Maar dat weegt niet op tegen de ervaringen, contacten, inzichten die we mogen meenemen als voorbereiding op ons professioneel leven.

Jan Jaspers


Sixteenth International Working Seminar on Production Economics: Download the application form